‘Het trucje’ dat hoogtetraining heet

Bergbeklimmers ondervonden naarmate ze hoger klommen de inspanning steeds meer moeite koste. Ze merkten dat de lucht ijler/ dunner werd en dat het klimmen meer inspanning koste dan lager op de berg. De verminderde luchtdruk op hoogte had duidelijk invloed op het lichamelijk presteren.

Acclimatiseren/wennen  aan een tijdelijke gedeeltelijk verminderde  zuurstofdruk leidde tot aanpassingen die dienden voor het behoud van een adequate zuurstofvoorziening in het spierweefsel oftewel uw uithoudingsvermogen.

Inmiddels is hoogtetraining een beproefde methode van training geworden

Vanwege het feit dat fysiologische veranderingen/ levensverrichtingen(stofwisseling, werking zenuwstelsel,etc.)  als gevolg van training op hoogte het meest overeenkwamen met fysiologische veranderingen als gevolg van duurtraining op zeeniveau, zijn veel studies gedaan naar de effecten van hoogtetraining die van belang zijn voor duurprestaties. 

Inmiddels is hoogtetraining een beproefde methode van training geworden bij topsporters. Verschillende toppers onderwierpen zich afgelopen jaren aan training op hoogte. Voorheen waren dit vooral hoogtestages in de bergen, maar door ontwikkeling in de techniek is het nu mogelijk om de hoogteomstandigheden te simuleren in een hoogtetent.

In een hoogtetent worden de zuurstofomstandigheden teruggebracht naar de omstandigheden op grote hoogte, bv. 2500 meter. Op zeeniveau bevindt zich normaal gesproken 20.9% zuurstof, op 2500 meter is dat rond de 15.5%. De werking is vervolgens eenvoudig, u ademt lucht in met minder zuurstof, in de nieren bevinden zich gevoelige cellen die op het zuurstoftekort reageren en stimuleren de aanmaak van erytropoёtine (EPO), dit hormoon stimuleert de aanmaak van rode bloedcellen. Rode bloedcellen binden zuurstofcellen. Het zuurstoftransport verhoogt en hierbij verhoogt ook de zuurstofopname in spieren en organen. De doorbloeding van de spieren verbetert en daarnaast verbetert ook de stofwisseling. Hoogtetraining voorkomt ook bergziekte (hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid, etc.) en de gevolgen hiervan.