Annapurna Circuit: hoogteprofiel en acclimatisatie
Gepubliceerd 14 april 2026 · 9 min leestijd

Wie de Annapurna Circuit goed wil aanpakken, moet vooral twee dingen begrijpen: het hoogteprofiel en het tempo waarop je lichaam zich kan aanpassen. De route voelt vaak logisch opgebouwd, maar het kantelpunt ligt hoog. Vanaf Manang slaap je al rond 3.540 meter en daarna schuif je in korte tijd door naar Yak Kharka, Thorong Phedi en uiteindelijk Thorong La op 5.416 meter. Wie daar te licht over denkt, vergroot de kans op hoofdpijn, slechte slaap, prestatieverlies en in het slechtste geval serieuze hoogteproblemen.
Het goede nieuws is dat de Annapurna Circuit juist ook een trek is die zich goed laat plannen. Met een slimme rustdag in Manang, een gecontroleerde opbouw en eerlijke monitoring van klachten is de route voor veel fitte trekkers uitstekend haalbaar. Wie zich vooraf extra wil verdiepen in thuis acclimatiseren voor bergexpedities, vertrekt bovendien vaak met meer marge.
Kort antwoord
Het Annapurna Circuit hoogteprofiel stijgt in een klassieke opbouw van ongeveer 1.700 meter bij Tal naar 5.416 meter op Thorong La, met de belangrijkste acclimatisatiefase tussen Manang, Yak Kharka en Thorong Phedi. De cruciale keuze is niet hoe hard je kunt wandelen, maar hoe verstandig je je slaaphoogte opbouwt.
Conclusie: De acclimatisatiedag in Manang is op de Annapurna Circuit meestal geen luxe, maar een sleutelbeslissing.
Nuance: De route is relatief geleidelijk tot Manang, maar wordt daarboven snel serieuzer.
Praktische haak: Beoordeel je schema op slaaphoogte, niet op wandeluren alleen.
Het Annapurna Circuit hoogteprofiel in één oogopslag
De exacte route verschilt vandaag vaker dan vroeger. Sommige trekkers starten lager, anderen nemen een jeep tot Tal, Dharapani of nog hoger. Toch blijft de fysiologische logica dezelfde: onder ongeveer 3.000 meter bouw je vooral algemene belasting op, maar vanaf ongeveer 3.000 tot 3.500 meter wordt acclimatisatie echt doorslaggevend. Wie meer achtergrond wil over de relatie tussen hoogte en zuurstof kan ook onze hoogte naar zuurstof tabel bekijken.
| Etappe | Slaaphoogte | Verschil t.o.v. vorige slaapplaats | Praktische betekenis |
|---|---|---|---|
| Tal | 1.700 m | Startpunt | Fysiologisch nog relatief vergevingsgezind. |
| Dharapani | 1.860 m | +160 m | Nog weinig echte hoogtebelasting, wel begin van het ritme. |
| Chame | 2.670 m | +810 m | Eerste dag waarop sommige trekkers de hoogte beginnen te voelen. |
| Upper Pisang | 3.300 m | +630 m | Hier begint acclimatisatie echt mee te tellen. |
| Manang | 3.540 m | +240 m | Beste plek voor een verplichte rust- en observatiedag. |
| Yak Kharka | 4.050 m | +510 m | Grensgebied waar slaap, eetlust en hoofdpijn vaak veranderen. |
| Thorong Phedi | 4.540 m | +490 m | Laatste slaapplaats voor de pas. Niet de dag om te gokken. |
| Thorong La | 5.416 m | Geen slaapplaats | Hoogste punt en zwaarste hypoxische prikkel van de hele route. |
| Muktinath | 3.760 m | Na de pas dalen | De afdaling maakt deze dag fysiek zwaar maar medisch logischer. |
Verschil: startpunt
Betekenis: fysiologisch nog relatief vergevingsgezind.
Verschil: +160 m
Betekenis: nog weinig echte hoogtebelasting, wel begin van het ritme.
Verschil: +810 m
Betekenis: eerste dag waarop sommige trekkers de hoogte beginnen te voelen.
Verschil: +630 m
Betekenis: hier begint acclimatisatie echt mee te tellen.
Verschil: +240 m
Betekenis: beste plek voor een verplichte rust- en observatiedag.
Verschil: +510 m
Betekenis: grensgebied waar slaap, eetlust en hoofdpijn vaak veranderen.
Verschil: +490 m
Betekenis: laatste slaapplaats voor de pas. Niet de dag om te gokken.
Verschil: geen slaapplaats
Betekenis: hoogste punt en zwaarste hypoxische prikkel van de hele route.
Verschil: na de pas dalen
Betekenis: fysiek zwaar, maar medisch logisch na de oversteek.
Dit profiel verklaart meteen waarom de trek voor sommigen verrassend zwaar aanvoelt. Niet omdat de hoogtemeters per dag absurd zijn, maar omdat je boven Manang meerdere nachten op een serieuze slaaphoogte zit en daarna in één push naar een pas boven 5.400 meter gaat.
Waarom juist Manang de sleutelplaats is
Veel routes hebben een rustdag. Op de Annapurna Circuit is Manang de plek waar die rustdag daadwerkelijk verschil maakt. Je slaapt daar rond 3.540 meter, dus hoog genoeg om al flinke hypoxische stress te ervaren, maar nog laag genoeg om met een extra nacht vaak merkbaar te herstellen. Tegelijk is het de ideale uitvalsbasis voor een korte daghike hogerop en vervolgens weer slapen op dezelfde hoogte.
Dat sluit perfect aan op het bekende principe climb high, sleep low. Een acclimatisatiedag in Manang betekent dus niet dat je stilzit. Integendeel. De beste invulling is vaak een rustige wandeling naar een hoger punt, bijvoorbeeld richting Gangapurna of Ice Lake, waarna je terugkeert om opnieuw in Manang te slapen. Wie daarentegen Manang overslaat of slechts heel kort blijft, maakt de sprong naar de zone boven 4.000 meter vaak agressiever dan verstandig is.
⚠️ Realiteitscheck
Een acclimatisatiedag die je overslaat, voelt op papier als tijdswinst. In de praktijk betaal je die vaak terug met slechtere slaap, verlies van eetlust, minder loopkwaliteit en meer risico op uitval rond Thorong Phedi of op de pas.
Hoe je je acclimatisatie op het Annapurna Circuit slim opbouwt
De gouden regel blijft eenvoudig: kijk naar je slaaphoogte. Boven 3.000 meter wil je die normaal gesproken niet te snel opvoeren. De CDC adviseert om boven 3.000 meter de slaaphoogte bij voorkeur met niet meer dan ongeveer 500 meter per dag te verhogen en extra acclimatisatietijd in te bouwen voor elke extra 1.000 meter stijging. Dat maakt de opbouw Pisang – Manang – rustdag – Yak Kharka – Thorong Phedi logisch, zolang je onderweg eerlijk blijft monitoren.
Praktisch protocol
- Tot Manang: loop economisch en forceer niet, ook als je je sterk voelt.
- In Manang: plan altijd een extra nacht en doe een korte acclimatisatiehike.
- Naar Yak Kharka: houd de dag bewust kort en rustig.
- Naar Thorong Phedi: eet, drink en herstel actief. Dit is voorbereiding, geen hero-dag.
- Pasdag: vertrek vroeg, houd een gelijkmatig tempo en daal na de pas doelgericht af.
Voor veel trekkers is dit ook het moment om opnieuw te beseffen dat fitheid en acclimatisatie niet hetzelfde zijn. Een sterke hardloper of fietser kan zich conditioneel geweldig voelen, maar toch hoogteklachten krijgen. Wie gevoeliger is voor hoogteziekte doet er goed aan zich vooraf ook te verdiepen in hoogteziekte voorkomen en in de vraag wat een normale acclimatisatiesnelheid per 1000 meter eigenlijk betekent.
De meest gemaakte misverstanden
Wat vaak misgaat
- “Ik ben fit, dus hoogte valt wel mee.”
Fitheid helpt op de trail, maar beschermt niet tegen hoogteziekte. - “Een rustdag is alleen nodig als ik klachten heb.”
Juist een geplande rustdag verkleint de kans dat klachten later escaleren. - “Hoe hoger ik slaap voor de pas, hoe beter.”
Voor sommige trekkers werkt High Camp, maar voor gevoelige of vermoeide trekkers is lager slapen vaak slimmer. - “Een beetje hoofdpijn hoort er gewoon bij.”
Lichte klachten kunnen normaal zijn, maar een duidelijke verslechtering is nooit iets om te negeren.
Een extra nuance is High Camp. Sommige trekkers kiezen ervoor om boven Thorong Phedi nog hoger te slapen om de pasdag korter te maken. Dat kan logistiek aantrekkelijk lijken, maar fysiologisch is het niet automatisch beter. Je wint tijd op de klim, maar je verplaatst je slaap naar dunnere lucht, vaak op een nacht waarin je slaapkwaliteit toch al onder druk staat. Voor veel mensen is Thorong Phedi daarom de veiligere keuze, zeker als er al hoofdpijn, slechte eetlust of onrustige slaap aanwezig is.
Zo monitor je dit objectief
Een goed acclimatisatieplan is niet alleen een routeplan. Het is ook een observatieplan. Gebruik daarom dagelijks dezelfde vier lenzen: symptomen, slaap, herstel en trend. Wie een saturatiemeter meeneemt, gebruikt die het best als trendinstrument en niet als absolute waarheid. Op hoogte dalen zuurstofwaarden ook bij gezonde reizigers en vooral tijdens slaap kan de belasting duidelijk toenemen.
Dagelijkse checklist
- SpO2-trend: kijk naar de lijn over meerdere ochtenden, niet naar één losse meting.
- Slaapkwaliteit: werd je extreem vaak wakker, voelde je je benauwd of sliep je opvallend oppervlakkig?
- Herstel: zakt je energie na ontbijt snel weg of voel je je na een korte inspanning abnormaal leeg?
- Symptomen: hoofdpijn, misselijkheid, verlies van eetlust, duizeligheid, coördinatieverlies of toenemende kortademigheid.
De meest bruikbare beslisregel is simpel. Lichte, stabiele klachten kunnen passen bij acclimatisatie. Duidelijk verslechterende klachten op dezelfde hoogte zijn een alarmsignaal. En klachten die erger worden terwijl je hoger gaat, zijn een reden om niet verder te stijgen. Wie meer wil begrijpen over wat een saturatiemeting wel en niet zegt, kan ook onze uitleg over zuurstofsaturatie op hoogte lezen.
Beslisblok
- Ga door: als klachten mild blijven, je eetlust redelijk is en je herstel van dag tot dag niet verslechtert.
- Blijf op dezelfde hoogte: als hoofdpijn, slaap en algeheel gevoel twijfelachtig zijn, maar nog niet duidelijk escaleren.
- Daai af: als je klachten verergeren in rust, je kortademig wordt in rust, verward raakt of coördinatie verliest.
Wanneer een verkort schema te agressief wordt
De Annapurna Circuit wordt tegenwoordig vaak korter gelopen dan vroeger. Dat is logisch door wegen, jeeps en tijdsdruk. Maar juist daar zit de valkuil. Een logistiek korter schema kan medisch veel agressiever zijn. Wie bijvoorbeeld grote stukken overslaat en pas laat op hoogte begint, kan ineens te weinig nachten in de tussenzone krijgen. Dan wordt een route die op papier haalbaar oogt in de praktijk veel minder vergevingsgezind.
Voor een trek naar ruim 5.400 meter is dat een belangrijk onderscheid. Niet de totale tripduur bepaalt of je goed acclimatiseert, maar vooral hoeveel zinvolle nachten je lichaam krijgt tussen ongeveer 3.000 en 4.500 meter. Daarom zijn te krappe schema’s vaak niet “efficiënt”, maar gewoon margeloos.
Praktische tips voor de pasdag
- Start vroeg. Niet om te racen, maar om stabiel te bewegen en ruim voor de middag over de pas te zijn.
- Eet vroeg en licht verteerbaar. Appetijt is op hoogte vaak minder, maar een lege tank helpt nooit.
- Loop in een praattempo. De pasdag is een ritme-opdracht, geen conditietest.
- Hou je warm zonder te zweten. Oververhitting in de klim en afkoeling op de kam kosten onnodig energie.
- Daal door naar lager slapen. De winst van de dag zit niet alleen in de pas, maar ook in de afdaling naar een lagere slaapplaats.
Wil je met meer marge aan de Annapurna Circuit beginnen?
Voor een trek met een pas boven 5.400 meter kan een vooraf gepland pre-acclimatisatie traject veel rust geven. Zo maak je je voorbereiding gecontroleerder, beter meetbaar en minder afhankelijk van geluk op de route.
Conclusie
Het Annapurna Circuit hoogteprofiel is niet verraderlijk omdat het extreem onlogisch is, maar juist omdat het lang beheersbaar voelt en daarna in korte tijd heel serieus wordt. Tot Manang bouw je relatief geleidelijk op. Daarna komt de echte test: hoe reageer je op slapen boven 3.500 meter, hoe goed herstel je in Manang en hoeveel marge neem je mee richting Yak Kharka en Thorong Phedi?
Wie dat proces serieus neemt, maakt van de Annapurna Circuit geen loterij maar een plan. En dat is precies hoe je deze tocht het best benadert: niet als een wedstrijd tegen de klok, maar als een slim opgebouwd acclimatisatieverhaal met Thorong La als logisch eindpunt.
❓ Mini-FAQ
Hoe hoog is de Annapurna Circuit maximaal?
Het hoogste punt is Thorong La op 5.416 meter.
Is een rustdag in Manang echt nodig?
Voor de meeste trekkers wel. Zeker als je daarna via Yak Kharka naar Thorong Phedi doorgaat.
Is High Camp altijd beter dan Thorong Phedi?
Nee. Het maakt de summit day korter, maar de nacht hoger en vaak onrustiger.
Kun je fit zijn en toch hoogteziekte krijgen?
Ja. Goede conditie beschermt niet automatisch tegen hoogteklachten.
Waar moet je vooral op letten?
Op slaaphoogte, trend in klachten, slaapkwaliteit en eerlijk herstel van dag tot dag.


