Mount Everest Marathon 2015

De Mount Everest Marathon wordt ieder jaar gehouden op 29 mei, de dag dat Edmund Hillary en zijn sherpa Tenzing Norgay in 1953 de top van de hoogste berg ter wereld bereikten. De marathon bestaat uit twee onderdelen: een trek (looptocht) en de marathon over 42 kilometer. Vanuit Kathmandu (Nepal) vlieg je naar Lukla (2860m) om vandaar naar Namche Bazaar (3460m) te klimmen. Vanuit Namche Bazaar loop je in 12 dagen, het parcours van de Marathon, naar het basiskamp van de Everest. Hoogste punt Kala Pattar 5643m. Gedurende de trek heb je uitgebreid de tijd het parcours te verkennen, te wennen aan de hoogte en te genieten van de waanzinnige omgeving. Tussentijds zijn er “relax- of acclimatiseringsdagen”. Uiteindelijk start je op de Khumba gletsjer voor de marathon wedstrijd.

Na diverse ultra-marathons (Marathon des Sables in Marokko, Atacama Crossing, Noordpool etc.) waarbij omstandigheden als koude en hitte aan de orde waren leek het mij interessant om te kijken hoe mijn lichaam zou reageren op extreme hoogte. Tijdens de Atacama crossing in Chili had ik al een voorproefje gehad. De woestijn ligt op een plateau en de hoogte tijdens de marathon varieert van 2500 tot 3500 meter. De combinatie van hoogte, droogte, hitte, kou (!) en eindeloze (zout) vlakten maakt het tot een van de zwaarste marathons ter wereld. Tijdens zo’n loop heb ik altijd iets van “waar ben ik aan begonnen?”

Koud over de finish kijk ik alweer verlangend uit naar de volgende uitdaging. In dit geval de Everest marathon.

Ik heb haast. Ik ben inmiddels 64 jaar en merk dat het aantal blessures toeneemt. Ik heb de nodige noodzakelijke aanpassingen gedaan zoals speciale inlegzooltjes, compressiesokken en last but not least mijn snelheid aangepast. Liep ik 30 jaar geleden nog 2.38 over de marathon, inmiddels zit ik tegen de 4 uur aan. Alles vanwege het heilige doel; zo lang mogelijk blijven lopen.

“Na enige weken merk ik duidelijk een verbetering in de conditie. De natuurlijke EPO begint te werken”

 

Bij ultra-marathons is voorbereiding een van de belangrijkste onderdelen. Ik start met info te verzamelen op het internet, vervolgens spoor ik mensen op die de marathon hebben gelopen en interview ze. Daarnaast stel ik materiaallijsten samen en heb een gesprekje met de arts het Sport Medisch Advies Centrum. Daar wordt ik ook onderworpen aan een sportkeuring. Langzaam maar zeker begin ik door te krijgen dat hoogteziekte een probleem kan worden. Bij het Googelen van het woordje hoogteziekte (AMS) kom je dan vanzelf op de website van ‘Altitude Dream’ hoogtetraining. Voor mij iets totaal nieuws. De uitleg van de werking van een hoogtetent bevat een bepaalde logica waarin ik me kan vinden en half maart 2015 start ik dankzij hun verhuur service mijn sessie van 4 weken overnachten “op grote hoogte” in een hoogtetent. Dat gaat goed. Ik hou een bepaald schema aan en voer de sessies uit met het hoogtemasker. Ik verplicht mijzelf om veel water te drinken, iets wat ik normaal al veel te weinig doe. Dat leidt tot een extra aantal sanitaire stops in de nachtelijke uren. Probleem is dan om weer door te slapen. Na enige weken merk ik duidelijk een verbetering in de conditie. De natuurlijke EPO begint te werken.

April 2015

Aardbeving Nepal

Ik ben er helemaal klaar voor. En weer gaat het mis.. Op 25 april wordt Nepal getroffen door een zware aardbeving met een kracht van 7.8 op de schaal van Richter. Ruim 7000 mensen vinden de dood. Tienduizenden gewond. De organisatie van de marathon houdt vol dat de trip gewoon doorgaat (?!). De route zou goed begaanbaar zijn en de gebouwen en bruggen intact. Dat verandert op 12 mei als een tweede aardbeving (7.4) volgt in de Everest regio.

Voor mij de derde (!) keer dat het noodlot toeslaat. In 2008 was ik in Chengdu (China) toen zich een enorme aardbeving voordeed (7.8 – 70.000 doden). In februari 2010 stond ik voor de start van de Atacama Crossing in Chili toen Richter opnieuw van zich liet horen (8.8) en nu dan Nepal. Ik bedenk me dus wel twee keer voor ik me inschrijf voor de 100 km van Winschoten (Groningen). 

September 2015

De marathon wordt uitgesteld tot 19 september 2015. Een overbrugbare tijd. Wederom overnacht ik in augustus 4 weken in een hoogtetent van Altitude Dream. Mijn vrouw begint er langzaam genoeg van te krijgen.. Uiteindelijk is het dan zover en vlieg ik op 19 september naar Kathmandu. De hoofdstad van Nepal ligt op 1500 meter en dus kan ik alvast acclimatiseren. Twee dagen later is de briefing en de persconferentie. Van de aanvankelijke 100 deelnemers in april zijn er nu nog 50 over. Zeventien internationaal. Erg confronterend: ik blijk de oudste deelnemer en ben even het middelpunt van de belangstelling. Hier en daar zie je de twijfel of “die oude man” capabel is. Daar komen ze snel achter.

Na twee dagen op het vliegveld van Kathmandu te hebben gewacht, de weersomstandigheden in Lukla waren belabberd, wordt besloten een helikopter te huren. Voor reguliere vluchten is Lukla onbereikbaar. Ik vraag mij verbaast af wat het verschil is als wij er met een helikopter naar toe vliegen. Vol goede moed stappen we in de pick-up die ons naar het toestel zal brengen. Dat blijkt veel kleiner als we ons hadden voorgesteld. Als sardines in een blik. Met zeven man waar plaats is voor 5. Maakt niet uit. Blij dat we weg zij uit die muffe vertrekhal.

De helikopter stijgt op. De zon schijnt, niets aan de hand. Als we de eerste toppen bereiken begint het te betrekken. Als we dieper het gebergte in duiken beginnen de slagregens vervelend te worden. Na een half uur zitten we midden in noodweer. Bliksemflitsen, slagregens, gedonder. Naar mijn bescheiden mening ziet de piloot geen hand voor ogen. Als je weet dat piloten hier puur op het zicht vliegen is dat enigszins verontrustend. Wanhopig probeert hij, onder de ruitenwisser door kijkend, zijn weg te vinden. De heli springt als een pingpong-bal door de lucht. Een speelbal van de elementen.

Ik kijk naar mijn metgezellen en bespeur enige onrust. De piloot brabbelt nerveus in zijn microfoontje en uiteindelijk schreeuwt hij naar ons dat het onmogelijk is om naar Lukla te vliegen. Hij zal zijn toestel neerzetten op een grasveldje in de buurt van Paknepani.

Da’s weer een geheel nieuw perspectief, maar goed, per slot zijn we ook voor het avontuur gekomen! Beneden zien we een paar schuurtjes en een tent. Er zijn wat plaatselijke inwoners die verbaast naar boven staan te kijken. Niet alleen onze helikopter blijkt een “noodlanding” te maken. Om ons heen “wemelt” het van verdwaalde helikopters en voor we het weten staan wij samen met 2 andere helikopters op het grasveld.

Voor ons begint hier de trek naar het basiskamp van de Everest. Omdat we twee dagen te laat zijn is de stijging per dag vaak meer van 400 meter. De eerste dagen merk ik dat aan een lichte hoofdpijn die makkelijk te bestrijden is met een gewoon aspirientje. Enkele andere deelnemers zijn minder gelukkig en zitten al direct aan de Acetazolamide. Het blijft drie dagen regenen. Dan komen we bij Dingboche boven de 4000 meter en gaat zowaar de zon schijnen. Ook de hoofdpijn verdwijnt als sneeuw voor de zon, helemaal geen hoogteziekte. Toch niet voor niets geweest al die weken in de hoogtetent. Daarnaast loop ik altijd mee in de voorste regionen terwijl de rest van het deelnemers problemen heeft het tempo bij te houden.

Af en toe is er een relax– of acclimatisering dag. Wie denkt dat je kan uitslapen komt bedrogen uit. Meestal wordt er een klimtocht ondernomen zoals op 2 oktober waar we de Kala Patthar beklimmen, het hoogste punt van onze tocht (5600 meter).

Everest Basecamp

Uiteindelijk bereiken we het basiskamp van de Everest (5400 meter). Totaal anders dan dat ik mij had voorgesteld. De aardbeving heeft hier flink huisgehouden en we moeten ons een nieuw pad banen over de Khumba Gletsjer om het kamp te bereiken. Vanuit het basiskamp is de Everest niet te zien. Wel de Khumba Icefall, een levensgevaarlijke zone tussen het basiskamp en kamp 1. Het basiskamp is uitgestorven. Na de aardbeving in april waarbij 19 klimmers omkwamen is er, op een enkeling na, niemand meer geweest. We overnachten in een paar kleine tentjes op de gletsjer. Onder ons het doorlopende geluid van stromend water. Om ons heen het voortdurende geraas van steen– en sneeuwlawines. Die eerste nacht slaap ik slecht. Onze tent staat ook nog eens onder een enorm rotsblok dat op een ijsplateau ligt. Een beetje teveel dooi of een kleine aardbeving en we blijven voor altijd in het basiskamp.

De tweede nacht verloopt beter. Ik besluit alle verkeerde gedachten uit te bannen en slaap wonder boven wonder als een roos.

Start Mount Everest Marathon

Het is maandag 5 oktober 3.00 uur. IJzig koud –25C. In het stikdonker maken we ons klaar voor datgene waarvoor we gekomen zijn, de marathon. Uiteindelijk blijken er 50 deelnemers. Nepalezen, Chinezen en Indiërs zijn toegevoegd. Om 7.00 uur klinkt het fluitsignaal en schieten de eerste lopers over de gletsjer naar Gorakshep. Het is een gebied dat je je ergste vijand nog niet toewenst. De enorme ijspieken zorgen voor filevorming. We springen over kleine watergangen. Op de stenen ligt een laagje rijp en daartussen grote stukken blauwig ijs. Regelmatig liggen deelnemers enkele meters lager en moeten door anderen geholpen worden. Na ruim anderhalf uur en 4.9 km bereiken we het eerste checkpoint. Ondanks het moeilijke parcours heb ik geen problemen. Snelheid is niet belangrijk, finishen wel. Het parcours gaat doorlopend berg op berg af. In de volksmond heet dat “Nepali flat”. Dat komt omdat de route van oost naar west gaat terwijl de rivieren en valleien van noord naar zuid lopen. Na het volbrengen van de marathon zullen we meer kilometers hebben geklommen dan de Everest hoog is (8848m).

Mijn roem of moet ik zeggen mijn leeftijd is me inmiddels vooruit gesneld. In ieder dorp wordt ik onthaald als een held. Mijn startnummer is bekend en mijn leeftijd het gesprek van de dag. Waarschijnlijk verwachten ze een man met een lange baard en kromme beentjes (dat laatste klopt wel een beetje). Oude mannetjes, die waarschijnlijk jonger zijn dan ik kloppen me bemoedigend op de rug, ik krijg een krukje aangeboden en moeder de vrouw komt met een schaaltje eten. Dat gaat goed tot ik in de gaten krijg dat het teveel tijd kost. Vóór het derde dorp zet ik daarom aan en loop er op topsnelheid (!?) doorheen. De inwoners luid applaudisserend achterlatend en vergezeld door een aantal honden die bijna in mijn kuiten hangen.

Finish Mount Everest Marathon

Uiteindelijk ben ik dik 10 uur onderweg om de klassieke afstand te overbruggen. Ruim het dubbele, van de winnaar, een Nepalese legerofficier, die in 4.01 binnenkwam (!). Als ik Namche Bazaar binnenkom schemert het al. Toch ben ik dik tevreden. Geen enkel probleem gehad onderweg en nog genoeg energie over om de laatste twee dagen door te komen (26km). De hoogtetent heeft zijn geld dubbel en dwars opgebracht !

Rob Plijnaar

Voor een uitgebreide fotoreportage van de Everest Marathon kijk op op mijn website